PSYCHOLOGISCHE SIMULATIE

Nico H. Frijda
1965 Maandblad Voor Accountancy en Bedrijfseconomie  
Simulatie in de psychologie is gebaseerd op het principe: als men nauwkeurig weet hoe iets werkt, dan kan men het ook namaken. Als men nauwkeurig weet, hoe een bepaald proces -denken, waarnemen, spreken -verloopt, dan is men in staat, ge geven uiteraard de nodige technische hulpmiddelen, dit proces na te bootsen. Een goede theorie is een blauwdruk voor een machine die het proces weergeeft. De nabootsing waarvan hier sprake is, bestaat uit de werkzaamheid van een programma voor electronische
more » ... nmachines. Simulatie komt neer op het schrij ven van een machineprogramma dat de rekenmachine in staat stelt, dezelfde prestaties als een mens te verrichten, en op overeenkomstige wijze. De psycholoog is hierin geïnteresseerd omdat hij daarmee een toetssteen heeft voor zijn theorieën. Een rekenmachine-programma werkt immers alleen wanneer het volledig nauw keurig is; de machine moet op ieder moment precies weten wat hij doen moet. Wanneer men dus een werkend machineprogramma kan schrijven, betekent dat dat de in dat programma neergelegde opvatting over het denk-of waarnemings proces nauwkeurig en volledig is. Het kan vreemd klinken dat menselijke werkzaamheid met een machine zou kunnen worden nagebootst. Machines worden immers gekenmerkt door een strikt systematische werkwijze, waardoor het proces iedere keer op precies dezelfde wijze verloopt; een mens denkt geen twee keer precies gelijk. Maar dit verschil, hoewel aanwezig, is niet zo groot als op het eerste gezicht lijkt. Ook de mens denkt methodisch, d.w.z. gebruikt methoden bij het denken, al is dat vaak niet duidelijk bewust, en al is dat niet altijd zo strak volgehouden als door een machine. Als dat niet het geval was, als er geen orde en regelmaat in het menselijke denken te bespeuren was, dan was een denkpsychologie onmogelijk. Neem bijvoorbeeld het spreken. Uit het bestaan van een grammatica blijkt dat de mens ordelijk spreekt. Er moet dus een proces bestaan dat de ideeën in zo'n ordelijke vorm giet. Er bestaan machineprogramma's die een dergelijke taak vervullen en het is wel waarschijnlijk dat er bij de mens iets dergelijks gebeurt. Een ander voorbeeld is het oplossen van problemen. Hierin zijn vrijwel steeds duidelijk enkele opeen volgende fasen te onderscheiden: exploratie, pogingen doen, verificatie. Men maakt zich eerst duidelijk wat het probleem eigenlijk is. Dan kijkt men of er een eenvoudige, bekende oplossing is. Men overweegt of men soms wel eens eerder met een dergelijk probleem te maken heeft gehad, en hoe dat toen ging. Of men kijkt of er niet een eenvoudiger probleem voor het oorspronkelijke probleem in de plaats gesteld kan worden: als iemands auto het niet doet en hij weet niet hoe hij er achter moet komen wat de oorzaak is, probeert hij vaak eerst zoiets als: hoe kan ik uitvinden of het misschien in het electrisch systeem zit. In de psychologie spreekt men van "denkstrategieën", oplossingsmethoden die de mens gebruikt en die hij geleerd heeft of die hij construeert onder invloed van de eisen van het ogen blik. Het opsporen van dergelijke methoden, die men wel "heuristische methoden" noemt, is een van de belangrijkste opgaven voor de psychologie van het denken, spreken, herinneren enz. Maar het is meestal niet eenvoudig om na te gaan in hoe verre de vastgestelde of vermoede denkmethoden inderdaad voldoende verklaring m a b blz. 83
doi:10.5117/mab.39.15137 fatcat:eaiejssqzfhxlkop4ue4colksm