De Toekomst van Suriname

C.F.J. Brands
1934 NWIG  
Met deze beroemde woorden voor oogen, waag ik het nog eens terug te komen op de artikelen, waarin ik een half jaar geleden in verschillende bladen de aandacht mocht vestigen op onze prachtige kolonie Suriname, als middel ter bestrijding van de werkeloosheid aldaar en hier te lande. Ik doe dit nu met meer hoop, omdat aldaar een andere Regeering is gekomen, welke, naar wij verwachten, durf en ondernemingsgeest zal toonen en we mogen hopen, dat de nieuwe Gouverneur den eisch zal gesteld hebben van
more » ... meer vrijheid van handelen en vooral van "regeeren" dan tot dusverre aldaar gebruikelijk was en waardoor soms de best bedoelde maatregelen om Suriname's welvaart te bevorderen van uit den Haag werden getorpedeerd. Er is in Suriname genoeg "werk aan den winkel" en als de Nederlandsche Regeering met breeden blik en goeden wil steunen wil, natuurlijk voorloopig rekening houdende met de berooide schatkist en het werkeloozenvraagstuk alhier wil verbinden aan het kolonisatievraagstuk aldaar, dan kan in ons vruchtbaar Suriname veel goeds bereikt worden, daar dat land, hetwelk ongeveer 5 X zoo groot is als Nederland, slechts voor een zeer klein gedeelte ontgonnen is, eene bevolking van slechts ±155.000 inwoners bezit en voor het allergrootste gedeelte moeras, maagdelijke wouden en laag bergland is, vol vruchtbare streken, waaronder een schat van kostbare mineralen verborgen is. Er moet in 't algemeen gesproken, aan dat land nog alles gedaan worden om het tot eene welvarende, modern ingerichte kolonie te maken, zoo als het grootste gedeelte van Oost-Indië geworden is. De vervallen plantage's uit Suriname's bloeiperiode moeten weer worden ontboscht en gedraineerd, gereed gemaakt voor cultures, waarvoor het land met zijn vetten bodem en verrukkelijk tropen klimaat, gelijk aan dat van Medan, het meest geschikt is
doi:10.1163/22134360-90001003 fatcat:lfhg2b5rnbdv7p6id64zx5ce4m