Wetenschap en weldadigheid

1854 De Economist  
Een wonderlijke studie, die Staathuishoudkunde i --Zij, die zieh daarmede bezighouden, voeren ons dan eens naar de goudvelden van Australi5 en CaliforniS, en verhalen ons hoe aldaar week nan week voor millioenen guldens waarde als door een tooverslag te voorsohljn wordt geroepen. Dan weder maakt men ons opmerkzaam op den geringen daglooner in Europa, en prijst hem die met volhardende zuinigheid zelfs de geringste stoffen tot mest aanwendt, om van her kleine plekje grond een paar korrels meet te
more » ... oogsten; --hier geldt her belastingen, d~gr weder opvoeding: zedelijkheid en louter stoffelijke belangen, meststoffen en goudvelden, wereldhandel en stuiver-spaarbanken, alles is haar welkom, dat alles schljnt van haar gebied. 5a, dug altes is van haar gebied, omdat die zaken, hoe vreemdsoorrig zij schijnen mogen, eehter in een naauw verband met elkander staan. Alle die versehillende handelingen der mensehen, dat woelen en trachten, dat trekken en zwoegen, worden door eene hoofdzaak veroorzaakt, die bij allen dgn is: de zueht naar genietingen. De bedelaar die de hand uitsteekt, om nan ware of gemeende menschlievendheid een aalmoes af te persen; --de koene ambaehtsman die zijn vaderland durft vaarwel zeggen, om in verre gewesten een ruimer loon te vinden en een genotvoller leven te beginnen; de heerscher die de schatten en her bloed zijner onderdaneu verspilt, mits hij ann zljne kroon nieuwen luister, en nan z~'ne~ naam de treurige vermaardheid van een veroveraar kan verwerven, --zij alle worden door deze drijfveer aangezei: de zueht om te genleten. Z~j gevoelen behoeften, en traehten die te vervullen. 1 Geen mensch op den aardbol of die zueht leeft in hem, doet hem handeleu; de behoeften mogen verschilIen, en nederig of heersehzuehtig, geoortoofd of misdadig zijn, overaI is dezelfde loop: arbeiden, ten einde te genieteu. Ja zelfs, hoezeer de begeerde genietingen des eenen bij die van den anderen mogeu versehillen, zoo zijn er toeh eenlge die een ieder wil hebben, hoe gematigd hij ook zij; namelijk die, stoffelijke of geestelijke, welke van zelve verbonden zijn aan de mensehelijke natuur. --De millioenen mensehea, die de aarde bewonen, zijn verdeeld in versehillende huishoudens of gezinnen, die men volken of staten noemt. A1 die gezinnen verschillen aanmerkelijk in taal, in uiterlijk, in zeden en gewoonten, in kleeding enz. ; maar er zijn toch eenige zaken die bij allen volkomen dezelfde ziju, en onder anderen dit, ,~dat zij door arbeiden moeten leven." Gaan wij onder al die huishoudens nu datgene na, waartoe wij behooren: her huishouden der Nederlanders. --Hoe reel zijn wij ? Ruim drie millioen. Elk vau die drie millieen moet bestaan door vruehten van arbeid. Elk moet voedsel hebben, kleeding, woning, en buitendien hog huisraad, boeken, werktuigen, en eene menigte andere zaken, die alle door arbeid moeten verkregen worden. Naarmate wij die meer hebben, is er meer of minder welvaart; daartoe zijn er landbouwers, fabriekanten, werklieden, handelaars, terwijl aI die soorten van arbeid weder in menige onderdeelen verdeeld zijn.
doi:10.1007/bf02212311 fatcat:zeia43sozrdkzheumdsaqbma5y