Afrika voorbij het export-model

Luce Beeckmans
2011 Agora  
De AfrikAAnse stAD AfRIKA VOORBIJ HET ExPORT-MOdEL AGORA 2011-2 De AfrikAAnse stAD AfRIKA VOORBIJ HET ExPORT-MOdEL gekeken, ook de planningspraktijk in India, meer bepaald in New Delhi, diende er als inspiratiebron. Tenslotte blijkt uit interne correspondenties dat de woningbouwprojecten in Dakar op vlak van maatvoering en technische detaillering sterk waren gebaseerd op deze in Belgisch Congo. We kunnen dus vaststellen dat zeker niet alleen de band moederland-kolonie of donor-ontwikkelingsland
more » ... r-ontwikkelingsland de Afrikaanse stad wist vorm te geven, maar dat ook transnationale netwerken van expertise, zoals deze van Zuid-Afrikaanse welzijnswerkers of Indische bouwpromotoren, van belang waren bij de vorming van de Afrikaanse stad. Daarnaast is opmerkelijk welke rol de zogenaamde tussenfiguren of intermediaire bevolkingsgroepen (zoals Portugezen en Grieken in Kinshasa, Libanezen en Syriërs in Dakar of Indiërs en Arabieren in Dar es Salaam) innamen in de Afrikaanse stad, die vanaf haar oorsprong veel kosmopolitischer van karakter was dan vaak wordt voorgesteld. Door hun tussenpositie van 'both insider and outsider', met de woorden van Garth Andrew Myers, diepe integratie en economische belang in de Afrikaanse samenleving, wisten ze stadsplanningprojecten vaak een andere draai te geven. Bovendien waren zij vaak ook fysiek tussen de Afrikaanse en Europese wijken gelokaliseerd, waardoor zij een centrale positie innamen in het stadsweefsel. In Kinshasa vestigden Portugese en Griekse handelaars zich bijvoorbeeld in het 'cordon sanitaire', omdat ze daar toegang hadden tot zowel de Afrikaanse als Europese gemeenschap. Mede door hun toedoen functioneerde het 'cordon sanitaire' daardoor nooit adequaat als buffer tussen de verschillende gemeenschappen, maar werd het zelfs eerder een plaats van ontmoeting. Dit
doi:10.21825/agora.v27i2.2329 fatcat:drktsxdgrvdh3chkcusrpajoea